Een aaneengesloten rij inheemse bomen en struiken die periodiek wordt teruggezet. Je vee eet eruit en schuilt erachter, en verder onderhoudt de haag zichzelf grotendeels — met een terugzet-beurt eens in de zes jaar.
Start de keuzehulpPrijs per meter in vier stappen
Blad met eiwitten, mineralen en sporenelementen. Je dieren nemen wat ze nodig hebben, naast het reguliere rantsoen.
Schaduw bij hitte, luwte bij wind en droge grond bij regen.
Vangt water op en houdt het vast. Wortels brengen structuur en organische stof in de grond.
Bloei, bes en schuilruimte. Natuurlijke vijanden van plagen vinden er onderdak.
Meer dan een rand om het perceel. Wat een voederhaag concreet doet voor je bedrijfsvoering.
Blad bevat sporenelementen die je dieren naar behoefte opnemen, zoals koper, selenium en ijzer. Het aandeel droge stof in het blad wisselt door het seizoen heen.
Je dieren kunnen zelf kiezen: schuilen bij hitte, beschutting zoeken bij wind, en het gedrag vertonen dat bij ze past.
Schaduw bij hitte en luwte bij wind. Een haag temt het weer op je perceel.
Bloei, bes, blad en schuilruimte voor insecten en vogels, en meer leven in de bodem eronder.
Gezondere dieren met minder stress geven minder gedoe en lagere kosten, van dierenarts tot uitval.
Overleg met je agrarisch collectief of er voor jouw haag een ANLb-vergoeding mogelijk is voor het beheer.
Je zet de haag eens per zes jaar terug; een voederheg knip je elk jaar. Minder werk, minder vaak.
Bij eenzijdige begrazing volstaat één plantrij met één struik per meter. Wordt er van twee kanten begraasd, dan twee rijen in driehoeksverband. Plant dezelfde soort in groepjes van vijf bij elkaar.
Uitgegroeid wordt de haag ongeveer drie meter hoog en drie meter breed. Ter vergelijking: een melkkoe is zo'n 1,40 meter op de schoft.
Plantgoed komt van Boomkwekerij Rendering in Aalten. Waar mogelijk gebruiken we autochtoon materiaal dat in de streek thuishoort.
Allebei een rij houtigen waar je vee uit eet en achter schuilt. Het verschil zit in ruimte en beheer.
| Voederhaag | Voederheg | |
|---|---|---|
| Ruimte | Groeit uit tot circa 3 bij 3 meter | Blijft compact: circa 1,5 m hoog, 1 m breed |
| Beschutting | Meer schaduw en een beter microklimaat, door de omvang | Minder, door de compactere vorm |
| Beheer | Eens per zes jaar terugzetten | Elk jaar knippen of scheren |
| Mestplaatsingsruimte | Kost meer, door de bredere voet | Kost minder, door de smallere voet |
Beide vormen tellen niet mee als mestplaatsingsruimte: de grond onder het element mag je niet meerekenen bij de Gecombineerde opgave. In perspectief: bij een element van ongeveer een meter breed leg je pas zo'n twee kilometer aan voordat je daarmee de mestplaatsingsruimte van één koe kwijt bent.
We kijken eerst op je erf naar grondsoort, perceelsvorm en waar je vee loopt. Daar volgt de lijn van de haag uit.
Planten doe je tussen november en maart. Is de grond verdicht, dan helpt een woelpoot om de strook los te maken. Een haag plant je niet in een doorlopende sleuf maar per plant: elk gat graaf je apart, met de hand of met een grondboor. Zaai je de strook in met een klavermengsel of dek je af met houtsnippers, dan blijft de bodem vochtiger en hebben onkruiden minder kans. Plant niet te diep: alleen de wortels in het gat.
Zet er een laag veekerend raster omheen, bijvoorbeeld stroomdraad, zodat de gevoelige stamvoet niet wordt kaalgevreten. Bij wildvraat door reeën of hazen helpen plantkokers. De eerste jaren blijft het vee eraf, tot de haag goed geworteld is. Staat ze stevig, dan mag het vee erbij: vanaf dat moment snoeit het mee en eet het wat het nodig heeft.
Daarna onderhoudt de haag zichzelf grotendeels. Voor de vitaliteit zet je haar eens per zes jaar terug: tot tien à twintig centimeter boven de grond. Doe dat gefaseerd, dan houd je altijd beschutting op het bedrijf.
Op het bedrijf van familie Walvoort zijn voederhagen aangelegd die bijdragen aan dierwelzijn, biodiversiteit en een toekomstbestendig bedrijf.
Uitgegroeid ongeveer drie meter breed en drie meter hoog. Wil je smaller blijven, dan is een voederheg de betere keuze: die houd je op ongeveer 1,5 meter hoog en 1 meter breed.
Tussen november en maart, als het blad van de struiken is en het niet vriest. Buiten die periode slaat het plantgoed slecht aan.
Bij eenzijdige begrazing één stuk per strekkende meter in één plantrij. Wordt er van twee kanten begraasd, dan twee plantrijen in driehoeksverband.
Nee. De eerste jaren blijft het vee eraf, achter een laag veekerend raster. De struiken moeten eerst goed wortelen; anders wordt de stamvoet kaalgevreten en overleeft de haag het niet.
Minder dan een voederheg, die je elk jaar knipt of scheert. Het vee snoeit mee. Voor de vitaliteit zet je de haag eens per zes jaar af: terugzagen tot tien à twintig centimeter boven de grond. Doe dat gefaseerd, zodat er altijd beschutting op het bedrijf blijft.
Voor de aanleg bestaat een provinciale regeling, en voor het beheer daarna zijn er jaarlijkse vergoedingen via je collectief en via het GLB. Aanvragen doe je zelf; wij zorgen dat het ontwerp aan de voorwaarden voldoet. Bekijk actuele regelingen.
Dat hangt af van je grondsoort, de gekozen vorm, het aantal meters en hoe goed we met materieel bij het perceel kunnen. In de keuzehulp reken je het in vier stappen zelf uit. Start de keuzehulp.
In vier stappen zie je welke vorm bij je grond past en wat het per meter kost.